Samenvatting hoofdstuk 1 (§1 t/m §5)

§ 1.1

Fascisme ontstond na de 1ste wereldoorlog. De 1ste fascistische leider was Benito Mussolini. Het ontstond in Italië.

Kenmerken van fascisme:

Kenmerken van Duits fascisme:

§ 1.2

In de coalitieregeringen zaten meestal de volgende partijen: socialisten, katholieken en vooruitstrevende liberalen.

De vier oorzaken waardoor de Republiek van Weimar vanaf het begin niet sterk was:

De grote ommekeer voor de NSDAP kwam door de economische crisis in 1929.

Sterke punten van de NSDAP waardoor ze veel aanhangers kregen:

De conservatieven wilden wel met Hitler samenwerken omdat ze dachten dat ze voldoende konden beïnvloeden om hun eigen ideeën uit te voeren.

§ 1.3

Derde rijk: de periode waarin de nationaal-socialisten aan de macht waren.

Het land mocht niet afhankelijk zijn van import. Hitler droeg de landbouw en industrie op om het allernoodzakelijkste voedsel te gaan verbouwen en wapen te produceren.

Gelijkschakelen: het opbouwen van een volksgemeenschap onder leiding van de Fuhrer (Hitler) door de mensen bijeen te brengen in nationaal socialistische organisaties en door het beheersen van het onderwijs en de media.

Taak van de SS: het uitschakelen van tegenstanders van het nationaal-socialisme.

Vóór de 2de WO was het doel van de Nazi's om de Joden uit de samenleving te stoten en hen tot emigratie te dwingen.

Tijdens de 2de WO werd dat doel het leven voor de Joden in Duitsland onmogelijk te maken:

Hitler besloot alle joden te vermoorden. In Polen werden vernietigingskampen opgericht met gaskamers en grote crematoria. Tussen de 5 en 6 miljoen joden zijn vermoord.

§ 1.4

Er werden concentratiekampen opgericht omdat de gevangenissen te klein werden. In de oorlog werden zoveel mensen gearresteerd dat er nieuwe kampen werden opgericht, ook in bezette gebieden.

Hierdoor was het verzet in Duitsland veel moeilijker dan in bezette gebieden:

3 vormen van verzet tegen Hitler in Duitsland:

§ 1.5

Wat gebeurde er met het grondgebied van Duitsland na WO2?

Het land werd verdeeld in 2 staten:

De BRD kwam in 1949 tot stand. Grondgebied bestond uit de engelse, Amerikaanse en franse bezettingszones. In de grondwet werd vastgelegd dat de BRD federaal en democratisch zou zijn.

De DDR is zone van de russen.

2 kenmerken van de DDR:

In 1961 werd er een muur gebouwd, dwars door Berlijn.

De BRD heeft het goed. Het ging goed met de economie in het westen. (Wirtschaftswunder). In 10 jaar tijd veranderde de BRD van een verwoest land in 1 van de sterkste industrie- en handelsnaties van de wereld.

In 1982 werd Helmut Kohl de nieuwe bondskanselier van de BRD. Onder hem richtte de BRD zich weer op nauwere samenwerking met het westen.


Niet gevonden wat je zocht? Probeer dan eens te zoeken met Google!